Koninginnenteeltdag 3 febr. 2001

Over bijenrassen en over alle aspecten van koninginnenteelt.
Plaats reactie
Romée van der Zee
Berichten: 1218
Lid geworden op: di 14 nov 2000, 00:00
Contacteer:

Koninginnenteeltdag 3 febr. 2001

Bericht door Romée van der Zee » za 03 feb 2001, 21:47

Vanmiddag werd weer, en wat voor weer, de jaarlijkse koninginnenteelt dag gehouden. Opvallend is hoe goed tegenwoordig de Carnica en Buckfast mensen elkaar verdragen. Ik geloof dat Jan Dommerholt, die de dag opende, dit ook memoreerde.

Afbeelding
Jan Dommerholt

Johan Olde Dubbelink, een carnicaman, hield een verhaal over de gesloten starter. En Gerard Meijerink, Buckfastman, over de open starter.

Afbeelding

links Johan O, en rechts Gerard M.

Ik hoop dat ze de moeite willen nemen hun verhaal in het kort op het imkerforum te plaatsen. Daar zal het voor velen interessant zijn. In de zaal had ik de indruk dat iedereen met plezier zat te luisteren naar iets wat ze grotendeels eigenlijk wel wisten. Maar zo is het met rituelen, je krijgt er niet gauw genoeg van.
Uiteengezet werd tevens hoe geprobeerd werd om in eigen gelederen te selecteren en te vermeerderen volgens criteria, die met name in Duitsland gebruikelijk zijn.
Over een van die criteria, homogeniteit ontstond in de lunchpauze nog een aardige discussie. Genetische homogeniteit wordt afgeleid uit de cubitaalindex, de kleur van de ringen en de lengte van de haren. Johan O. enkele carnicamensen en ik werden het erover eens dat dit vooral geschikt was als groeps criterium, maar dat het in de individuele beoordeling van nakomelingen van een enkele moer weinig informatie opleverde. Het is immers zo dat een standbevruchte moer, door uiteenlopende darren van sperma voorzien is. Dat sperma levert in een volk over de tijd gemeten werksters op van verschillende vaders, met verschillende kenmerken. Die vertekening door het moment valt weg als je een meting doet over de hele stand.
Aardige mensen, trouwens.

Het verhaal van Gerard Meijerink gaf inzicht in hoe hun Bucklandgroep probeert het Buckfast predikaat te beschermen tegen uitholling. De prijs van het succes is immers dat velen die ooit een Buckfast moer kochten, met eigen teelt, maar zonder zware selectie 'Buckfast'materiaal verspreiden. De Bucklandgroep probeert zeer nauwgezet en gecontroleerd te opereren.
Verder vind ik het uitgangspunt van Gerard, dat er sprake is van Buckfast als een Buckfastlijn met een (andere) Buckfastlijn gekruist wordt wel wat problematisch. Ik was eens enkele dagen bij Broeder Adam, in 1983 of daaromtrent (en ik ben geen familie van Michael van der Zee). Adam kneep onder mijn ogen talloze moeren die niet voldeden dood. Hij zei dat Buckfast, een kunstras was, dat gebaseerd was op opbrengst en een lage tijdsinvestering. Als een moer, (of beter haar nakomelingen), daaraan niet voldeed was het geen Buckfastmoer, ook al heette haar vader en moeder zo.
Met Gerard Meijerink verschilde ik van mening over een historisch gegeven. Adam zou volgens Gerard, al met Engelse bij x ligustica-kruisingen zijn bezig geweest toen de Tracheemijt in Engeland de bijenstand decimeerde. En toen hij waarnam dat deze kruising resistent was zou hij daarop zijn doorgegaan. Het is echter anders.
In Meine Betriebsweise schrijft Adam zelf op pag. 11 dat hij 1919 de kloosterimkerij overnam en dat hij op dat moment geconfronteerd werd met een heroriëntatie van de Engelse bijenhouderij omdat door de tracheemijt 90% van de volken er aan onderdoor gegaan was.
In Auf der Suche schrijft Adam op pag. 129 dat het de overheid was die vanwege de beweerde mijtenresistentie, meteen na de eerste wereldoorlog begon om op grote schaal ligustica's in te voeren. De Amerikaanse ligustica's waarmee Adam (naast de uit Italie ingevoerde ligustica's waarover hij zeer tevreden was) zelf in 1924 experimenteerde bleken zelfs extreem mijtgevoelig. Hij waarschuwt er dan ook tegen.
Ritter maakte mij ooit duidelijk dat zowel de tracheemijt als bv Amerikaans vuilbroed verdwenen als de drachtomstandigheden goed waren, en de imker niet al te hebberig. Ik heb nog eens een artikel gelezen, (was het van mevrouw Ball?), waarin achtera

Gerard Boswinkel
Berichten: 347
Lid geworden op: do 25 jan 2001, 00:00
Imker sinds: 1983
Aantal volken: 8
Bijenras(sen): Buckfast
Locatie: Eibergen
Contacteer:

Re: Koninginnenteeltdag 3 febr. 2001

Bericht door Gerard Boswinkel » ma 12 feb 2001, 21:47

verstuurd 12-02-2001 No. 82
--------------------------------------------------------------------------------

Verder vind ik het uitgangspunt van Gerard, dat er sprake is van Buckfast als een Buckfastlijn met een (andere) Buckfastlijn gekruist wordt wel wat problematisch. Ik was eens enkele dagen bij Broeder Adam, in 1983 of daaromtrent (en ik ben geen familie van Michael van der Zee). Adam kneep onder mijn ogen talloze moeren die niet voldeden dood. Hij zei dat Buckfast, een kunstras was, dat gebaseerd was op opbrengst en een lage tijdsinvestering. Als een moer, (of beter haar nakomelingen), daaraan niet voldeed was het geen Buckfastmoer, ook al heette haar vader en moeder zo.

Romee, waren dat nieuwe moeren of waren het moeren van een jaar oud die Br. Adam dood kneep? In Br. Adam's bedrijfsmethode, worden in maart de koninginnen in de hoofdvolken vervangen door de jonge moeren die hij heeft overwinterd in zijn bevruchtingskastjes op Dartmoor (vierraamskastjes op half Dadantmaat). De "oude" moeren die niet geselecteerd zijn als teeltmoer worden dan in de bevruchtingskastjes geïntroduceerd. Begin juni worden deze "oude" koninginnen uit de bevruchtingskastjes gehaald en doodgeknepen. Tien dagen daarna worden de redcellen gebroken en krijgt het kastje één gesloten dop. Dus jou opmerking over het feit dat Buckfast x Buckfast geen Buckfast oplevert deel ik niet. In jou voorbeeld zou die koningin niet goed genoeg kunnen zijn om als teeltmoer gebruikt te worden.

Met Gerard Meijerink verschilde ik van mening over een historisch gegeven. Adam zou volgens Gerard, al met Engelse bij x ligustica-kruisingen zijn bezig geweest toen de Tracheemijt in Engeland de bijenstand decimeerde. En toen hij waarnam dat deze kruising resistent was zou hij daarop zijn doorgegaan. Het is echter anders.
In Meine Betriebsweise schrijft Adam zelf op pag. 11 dat hij 1919 de kloosterimkerij overnam en dat hij op dat moment geconfronteerd werd met een heroriëntatie van de Engelse bijenhouderij omdat door de tracheemijt 90% van de volken er aan onderdoor gegaan was.
In Auf der Suche schrijft Adam op pag. 129 dat het de overheid was die vanwege de beweerde mijtenresistentie, meteen na de eerste wereldoorlog begon om op grote schaal ligustica's in te voeren.

Ten eerste is de uitgangskruising de Gerard Meijerink noemt niet helemaal juist. Het moet zijn: Ligustica x Engelse bij natuurlijk. Verder dacht ik ook dat het precies zo zat als Gerard M. vertelde. Een beetje literatuurstudie leerde mij dat het toch ietsje anders lag. In Raymond Zimmer's boek staat een curriculum vitae van Br. Adam. Daarin staat dat hij in 1915 te werk werd gesteld in de kloosterimkerij. Uit andere stukken bleek mij dat in 1916 zo'n 30 ligustica koninginnen in de volken ingevoerd werden en dit kan heel goed door de overheid gestimuleerd zijn. In 1919 wordt Br. Adam hoofd van de imkerij en door waarnemingen in de voorafgaande jaren komt hij tot de conclusie dat één bepaalde ligustica vorm (leerbruine ligurische bij afkomstig uit de ligurische Alpen) resistent is tegen de tracheeënmijt. Vanaf die tijd begint dan zijn teeltwerk.

Over het bijzonder goede verhaal van Marie-Josee schreef jij:
Zij gaf nog eens aan dat wij ons niet moeten verkijken op de mooie eigenschappen van bv de ligustica. Bij nateelt blijken al gauw de nadelen door de snel optredende agressiviteit.

Meneer van der Botermet (zie stukje Frans van Tongeren) schrijft in zijn stukje over de agressiviteit van de Apis melifera melifera dat deze agressiviteit ook sterk beïnvloed wordt door importeren van carnica en de buckfastmateriaal. Volgens mij heeft de ligustica in combinatie met agressiviteit zo'n slechte naam omdat deze bij wereldwijd overal als eerste op grote schaal werd ingevoerd en er daardoor een "t=0" meting mogelijk was. Bij de importen van de andere rassen was zo'n "t=0" meting niet meer mogelijk.

Verder vond ik het bijzonder jammer dat er tijdens de dag erg weinig tijd was voor discussies. Juist tijdens discussies tussen de aanwezigen en de voordrachtgevers, kom je veel te weten en leer je vaak meer dan van de voordracht zelf.

Gerard


--------------------------------------------------------------------------------
Van: | Geregistreerd: Jan 2001

Plaats reactie

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 3 gasten